Begrippenlijst voor kinderopvang of naschoolse activiteiten

24-uurs opvang
Opvang in kinderdagverblijf, beschikbaar 24 uur per dag. Zie ook avondopvang.

Avondopvang
Opvang in een kinderdagverblijf na 19.30 uur. Kinderdagverblijven rekenen vaak een hogere prijs voor avondopvang dan voor dagopvang.

Bedrijfskosten
Onder bedrijfskosten wordt het gedeelte van de opvangkosten verstaan, dat overblijft na aftrek van de ouderbijdrage volgens de tabel en de eventuele meerprijs.
Bijvoorbeeld: de opvang kost € 1.000,- per maand, de ouderbijdrage volgens de ouderbijdragetabel is
€ 400,- en de meerprijs € 50,- per maand, dan zijn de bedrijfskosten € 550,-. probeert dan vervolgens de bedrijfskosten te verdelen tussen de werkgever van de aanvragende ouder en de werkgever van de partner.

Bedrijfsplaats
Opvang waaraan 1 of 2 werkgevers/fondsen meebetalen. De ouder betaalt een bijdrage die afhangt van het inkomen. De term bedrijfsplaats geeft aan dat de werkgever(s) meebetalen aan kinderopvang van werknemers.

Beëindiging dagopvang als kind 4 jaar wordt
Standaard is dat de opvang uiterlijk eindigt op de 1e van de maand na de 4e verjaardag. Dagopvang mag doorlopen tot het kind naar school gaat, indien dit overlegd is met de werkgever en deze buitenschoolse opvang toestaat.

Belastbaar inkomen
Het belastbaar gezinsinkomen per maand wordt vastgesteld op basis van de laatst vastgestelde definitieve aanslag inkomstenbelasting. Het is mogelijk dat ouders de afgelopen drie jaar geen aangifte hebben gedaan van inkomstenbelasting. De ouders beschikken dan niet over een aanslag inkomstenbelasting over 2001, 2002 of 2003. In dat geval wordt het belastbaar gezinsinkomen per maand berekend aan de hand van de meest recente loonstrook of inkomensspecificatie van de werkgever, pensioen- of uitkeringsinstantie.

Bruto inkomen
Loon volgens jaaropgave

Buitenschoolse opvang (BSO)
Voor schoolgaande kinderen tot 13 jaar bestaat de mogelijkheid van buitenschoolse opvang. De opvang kan plaatsvinden op school of in speciale centra. Buitenschoolse opvang is opvang voor en na schooltijd, op woensdagmiddagen en in de schoolvakanties.

Bureaukosten
Kosten die een gastouderbureau rekent voor het vinden van geschikte gastouders en voor begeleiding van de gastouder. Deze kosten moeten bij inschrijving betaald worden aan het gastouderbureau en daarna ieder jaar weer. Deze kosten worden ook wel eens koppelingskosten of bemiddelingskosten genoemd.

Collectieve Arbeidsovereenkomst (CAO)
Een CAO komt meestal tot stand na onderhandelingen tussen de sociale partners, te weten de werknemersorganisaties (vakbonden) enerzijds en de werkgeversorganisaties anderzijds. CAO-afspraken zijn bindend voor alle werkgevers en werknemers die onder de CAO vallen.
Wordt er in een CAO iets afgesproken over kinderopvang, dan gebeurt dit vaak op basis van een bepaald percentage van de loonsom. Iedere werkgever, of men bij die werkgever nu wel of geen gebruik maakt van de kinderopvangregeling, betaalt iedere maand dit vaste bedrag aan het sociaal fonds. Vervolgens stelt dit fonds het geld weer beschikbaar aan een organisatie.

Co-ouderschap
Van co-ouderschap is sprake, als ouders na echtscheiding elk een eigen huishouden voeren én zij gezamenlijk de ouderlijke macht blijven uitoefenen.

Dagopvang
Dagopvang is kinderopvang in een kindercentrum voor kinderen in de leeftijd van 10 weken tot 4 jaar op doordeweekse dagen: hele dagopvang is op een ochtend en een middag en halve dagopvang is op een dagdeel (ochtend of middag).

Doelgroepen
De gemeente stelt geld beschikbaar voor kinderopvang voor bepaalde doelgroepen. Bijvoorbeeld voor nieuwkomers, alleenstaande ouders, inwoners met een sociaal medische indicatie of voor inwoners die uit de bijstand komen en betaald werk aanvaarden (de zogenaamde “uitstromers”). De doelgroepen verschillen per gemeente.

Extra opvang
Dit is opvang die niet volgens vaste afspraak plaatsvindt. Een ouder die een keer een extra dag gebruik wil maken van een kinderdagverblijf moet dit zelf regelen met het kinderdagverblijf. Ook de betaling moet dan rechtstreeks tussen ouder en kinderdagverblijf worden geregeld. De ouder kan via een declaratieformulier een declaratie indienen.

Financiële wachtlijst
Sommige werkgevers of gemeenten stellen een bepaald budget voor kinderopvang beschikbaar. Wanneer dit buget op is wordt een wachtlijst ingesteld. Ouders die onder deze regeling vallen en opvang wensen worden dan op deze wachtlijst geplaatst. Wanneer een werkgever weer geld ter beschikking stelt, komen de ouders op de wachtlijst in aanmerking voor een bijdrage in de opvangkosten.

Flexibele kinderopvang
Flexibele kinderopvang is opvang waarbij ouders de mogelijkheid krijgen om een vastgesteld gemiddeld aantal uren cq. dagdelen flexibel te kunnen gebruiken. Het is dus opvang waarbij de omvang vastligt, maar de dagen/dagdelen niet. Bijvoorbeeld: in week 1 opvang op dinsdag en woensdag, in week 2 op dinsdag, woensdag en donderdag, in week 3 weer op dinsdag en woensdag, in week 4 weer op dinsdag, woensdag en donderdag, etcetera. Flexibele opvang wordt vergoed omdat het een structurele afspraak betreft.

Gastouderopvang
Gastouderopvang is opvang voor maximaal 4 kinderen van 10 weken tot 13 jaar in de gezinssituatie van de gastouder. Deze opvang komt tot stand via en wordt begeleid vanuit een gastouderbureau waarbij particulieren kinderopvang kunnen aanbieden (gastouders) of vragen (vraagouders). Opvang bij een vraagouder thuis valt niet onder gastouderopvang, hetzelfde geldt voor particuliere opvang buiten een gastouderbureau om. De opvang moet in het algemeen minimaal 8 uur per week zijn om in aanmerking te komen voor een vergoeding.

Gemiddelde fulltime prijs
De gemiddelde fulltime-prijs voor kinderopvang in Nederland is een getal dat jaarlijks per 1 april berekent op basis van haar eigen gegevens. In 2003 is dat: € 12.668,- . Andere bureaus zouden tot een andere gemiddelde prijs kunnen komen.
Dit bedrag is alleen gebaseerd op hele dagen opvang, omdat halve-, buitenschoolse- en 24-uursopvang te veel variëren in prijs.

Gemiddelde prijsstijging
De gemiddelde prijsstijging van de kosten van kinderopvang van het ene jaar op het andere jaar, deze wordt vastgesteld door de stijging van de gemiddelde fulltime prijzen met elkaar te vergelijken.

Halve dagopvang
Opvang in een kinderdagverblijf op een ochtend of een middag. Halve-dagopvang kost doorgaans 66% van hele dagopvang.

Hele dagopvang
Opvang in een kinderdagverblijf op een ochtend én een middag.

Incidentele opvang
Opvang die ouders zo nu en dan afnemen, zonder dat de ouder van te voren kan aangeven hoeveel opvang hij/zij af gaat nemen en wanneer. Daarnaast loopt er geen reguliere opvang. Deze vorm van opvang wordt niet vergoed.

Koppelingskosten
Zie bureaukosten.

Kostendeling
verzoekt namens al haar klanten de partner-werkgever om de helft van de bedrijfskosten te betalen. Dit geldt niet voor gemeentelijke regelingen voor doelgroepen en enkele uitzonderingen. Deze bijdrage komt neer op gemiddeld 25% van de totale opvangkosten. De achterliggende gedachte hierbij is dat beide werkgevers baat hebben bij kinderopvang en er dus samen voor kunnen betalen. Het ‘verzoek om kostendeling’ aan de partner-werkgever zit standaard in de inschrijfset.

Leidster-aan-huis
Hier verzorgt een leidster van een erkende kinderopvanginstelling opvang aan huis. De leidster-aan-huis moet in dienst zijn van een kindercentrum. Deze opvang wordt dan ook in feite gezien als dagopvang; dat betekent dat geen bureaukosten worden berekend, deze zijn verwerkt in het uurtarief van de leidster-aan-huis. Dit soort opvang wordt niet door alle werkgevers en gemeenten vergoed. Thuisoppas wordt NIET vergoed omdat een oppas niet in dienst is van een gastouderbureau of kindercentrum.

Maximumprijs
In uw kinderopvangregeling kan een maximumprijs opgenomen zijn. Kost de opvang meer dan dit maximum dan ontstaat een meerprijs.
adviseert de volgende maximumprijzen per 1 januari 2004:
– Dagopvang: € 14.500;
– BSO: € 9.570;
– Gastouderopvang: € 1.596 voor bureaukosten.

Meerprijs
Een meerprijs ontstaat als de prijs voor de opvang hoger is dan de maximumprijs die de regeling toestaat. Standaard komt de meerprijs ten laste van de ouder, zowel bij de start van de opvang als gedurende de plaatsing. Soms betaalt de werkgever de meerprijs, wanneer een kindercentrum tussentijds verhoogt.

Naschoolse opvang (NSO)
Dit is opvang dagelijks na de schooltijd. In het algemeen is dat maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag van ongeveer 15.00 uur tot 18.00 uur, en woensdag van ongeveer 12.00 tot 18.00 uur. Daarnaast geldt opvang gedurende hele dagen in de schoolvakanties ook als naschoolse opvang. Net als bij dagverblijven kan een NSO-centrum enkele weken per jaar gesloten zijn. De minimum openingsduur , net als bij de kinderdagverblijven, 48 weken.

Ouderbijdrage inning
Voor kinderdagverblijf en buitenschoolse opvang int aan het eind van iedere maand de ouderbijdrage voor de volgende maand. Voor gastouderopvang geldt dat de ouder zelf de uurkosten voorschiet en deze achteraf per kwartaal kan declareren.

Particuliere plaats
Opvang in kindercentrum die ouders helemaal zelf betalen. Dit in tegenstelling tot een subsidieplaats en bedrijfsplaats, waarbij respectievelijk gemeente en werkgever(s) meebetalen aan de opvang.

Partner-werkgever
De werkgever van de partner. Zie ook kostendeling.

Percentagetabel
Bij de percentagetabel betaalt de ouder een (inkomensafhankelijk) percentage van de totale opvangkosten: is de opvang duurder, dan betaalt de ouder ook meer; is de opvang goedkoper, dan betaalt de ouder minder.

Pluspakket
klanten met een pluspakket hebben minimaal dertig kinderen geplaatst. Met een pluspakket heeft de klant meer keuzemogelijkheden in de uitvoering van de regeling dan met een servicepakket. Klanten met een pluspakket krijgen dienstverlening op maat. Voordat de regeling van start gaat wordt een contract met bijbehorende uitvoeringsbepalingen afgesloten, waarin alle afspraken zijn vastgelegd. Onder dit contract vallen alle toekomstige plaatsingen van ouders die gebruik maken van de regeling van de klant. Vastgelegd wordt welke opvangvormen zijn toegestaan. Sommige klanten hanteren een gelimiteerd budget, wat kan leiden tot een financiële wachtlijst. Een aantal klanten hanteert verplichte kostendeling.

Servicepakket
Klanten met een servicepakket hebben meestal minder dan dertig kinderen geplaatst. Met een dergelijk pakket heeft de klant een aantal keuzemogelijkheden in de uitvoering van de regeling. Per geplaatst kind wordt via de werkgeversverklaring een overeenkomst aangegaan tussen de klant. Bij een Servicepakket wordt vooraf niet vastgelegd welke opvangvormen zijn toegestaan. Dit kan door de werkgever of gemeente per aanmelding worden bepaald.

Subsidieplaats
Bij een subsidieplaats betaalt de gemeente een deel of het geheel van de opvangkosten. Dat doet zij in het kader van het doelgroepenbeleid. Voorbeelden van doelgroepen zijn alleenstaande ouders, inwoners met een sociaal medische indicatie, inwoners die uit de bijstand komen en betaald werk aanvaarden (de zogenaamde uitstromers) en nieuwkomers. De doelgroepen verschillen per gemeenten.

SZW-plaats
SZW-plaatsen zijn plaatsen die gefinancierd worden op grond van de regeling ‘Kinderopvang en buitenschoolse opvang voor alleenstaande ouders’ van het Ministerie van SZW. Doelgroep zijn ouders met een uitkering op bijstandsniveau, deze ouders betalen geen ouderbijdrage.

SZW-percentagetabel
Deze ouderbijdragetabel wordt elk jaar door het ministerie van SZW opgesteld en is gebaseerd op het belastbaar inkomen. De ouderbijdrage wordt hierin aangegeven als een percentage van de opvangkosten. Dit percentage is voor alle opvangvormen gelijk.

Toeslag
Komt voor bij regelingen met 50%-bedrijfsbijdrage: de werkgever van de aanvragende ouder betaalt 50% van de bedrijfskosten, de andere 50% betaalt de werkgever van de partner. Wanneer deze laatste niet meebetaalt, komt deze 50% bovenop de ouderbijdrage. Deze toeslag geldt vrijwel nooit voor alleenstaanden. Verder is het bij pluspakket mogelijk om de toeslag te maximeren tot een bepaald percentage van de ouderbijdrage (zie verder bij Toeslag, gemaximeerd).

Toeslag, gemaximeerd
Bij een aantal regelingen is de toeslag gemaximeerd. De toeslag bedraagt dan bijvoorbeeld maximaal 50% van de ouderbijdrage. Voorbeeld:
– opvangkosten: € 1.000,- per maand
– ouderbijdrage: € 400,- per maand
– werkgeversbijdrage: € 300,- per maand
Als de werkgever van de partner niet meebetaalt, dan bedraagt de toeslag zonder maximering € 300,-. De toeslag is in dit geval echter gemaximeerd tot 50% van de ouderbijdrage (€ 400,-), dus € 200,-. In dit voorbeeld betaalt de ouder € 400,- + € 200,- (toeslag) = € 600,-. De € 100,- die overblijft komt alsnog voor rekening van de werkgever van de aanvragende ouder.

Tussenschoolse opvang (TSO)
Dit is dagelijkse opvang in de middagpauze. Er is een onderwijswet die elke school verplicht om faciliteiten voor TSO beschikbaar te stellen. Dit gebeurt meestal in overblijfgroepen op de school zelf, maar wordt steeds vaker uitbesteed aan professionele organisaties. In deze laatste situatie kan een beroep worden gedaan op vergoeding via.

Vakantie-opvang
Opvang alleen in de vakantieperiode(n). Het betreft hier altijd 4- tot 13-jarigen. Voorwaarde is dat men minimaal 3 weken per jaar vakantieopvang afneemt. Dit hoeft niet in een aaneengesloten periode te zijn. Er mag ook één dag per week worden afgenomen, een totaal van drie dagen in drie verschillende weken is dus ook toegestaan.

Variabele opvang
Variabele kinderopvang is opvang in een kindercentrum voor kinderen in de leeftijd van 10 weken tot 4 jaar met de mogelijkheid op wisselende tijden gebruik te maken van opvang, met een variabel aantal uren cq. dagdelen per week.

Vergunning
plaatst alleen bij kindercentra die een gemeentelijke vergunning hebben en via officieel erkende gastouderbureaus. Wanneer een vergunning wordt ingetrokken, of wanneer een (tijdelijke) vergunning niet wordt verlengd, moeten de kinderen in principe van het dagverblijf afgehaald worden.